Marie-Josée Dries - 06 22455433       Gert van der Kolk - 06 51050119 info@oio.nl

PDF

Tevreden

Allemaal tevreden mensen in VPRO’s Tegenlicht van 18 november. Het ging over zelfbouw in onder meer Amsterdam-Noord en Almere: mensen die een kavel kopen, een huis ontwerpen en zelf (laten) bouwen. Adri Duivesteijn, een van de geestelijk vaders van de zelfbouw in Nederland, vatte de gedachte erachter compact samen: van woonconsument naar woonproducent. Mensen nemen het heft in eigen hand, bepalen waar ze hoe willen wonen. “Eigenkracht” en “burgerkracht” worden aangesproken, aldus Duivesteijn. De rollen van architect, projectontwikkelaar, aannemer en gemeente veranderen fundamenteel. Volgens Tegenlicht brengt zelfbouw een kentering teweeg in de sector: “er wordt weer samengewerkt en meer met toekomstige bewoners gecommuniceerd.”

Handboek

Kort maakte Tegenlicht gewag van de “Ik bouw betaalbaar in Almere”-regeling, waarmee zelfbouw ook binnen bereik komt van mensen met een laag inkomen. Jammer genoeg kwam van deze groep zelfbouwers niemand aan het woord. Daardoor kan toch een beetje de indruk blijven hangen dat zelfbouw vooral is weggelegd voor mensen die veel geld of veel vrije tijd hebben, of een combinatie van beide. Maatwerk is immers niet goedkoop, en om de kosten te drukken kun je veel zelf doen, als je over tijd, kennis en kunde beschikt. Een eerste indruk van wat er allemaal bij komt kijken geeft bijvoorbeeld dit Basishandboek Zelfbouw, dat de Grond Exploitatie Maatschappij Waalsprong in augustus 2013 uitbracht. Maar Tegenlicht ging niet in op wat je over je heen haalt als je zelf bouwheer bent.

Tegenwerking

Niettemin is zelfbouw een mooie illustratie van hoe een overheid mensen kan helpen in plaats van tegenwerken, door anders met regels om te gaan. In stakeholderanalyses zien we burgers vaak onderin terecht komen, bij het afvoerputje, en met opmerkingen als: “Zucht”, “O ja, daar moeten we ook nog wat mee”. Dat zal zelfbouwers niet zo gauw overkomen en doordat zij de Top Dogs zijn, veranderen oude arrangementen ingrijpend. Overigens is dat niet iedereen vergund die zijn burgerkracht laat spreken. In Binnenlands Bestuur stonden onlangs fraaie staaltjes tegenwerking van kennelijk al te eigenkrachtige burgers. Een wijkcentrum dat wordt omgebouwd tot jongerencentrum terwijl volgens de buurt juist ouderen voor overlast zorgen; vrijwilligers van een wijkhuis die na een gemeentebesluit bijstandsklanten naar werk moeten begeleiden.

Maatvoering

Zulke voorvallen laten zien hoe moeilijk het is om een goede maatvoering te vinden in de omgang van de overheid met de burger die betrokken is en wil blijven. In tegenstelling tot de voorvallen in Binnenlands Bestuur is het zelfbouwverhaal overwegend optimistisch van toon. Het lijkt daardoor goed te passen in de analyses van Peter Giesen in diens terecht veelgeprezen pleidooi voor de betrokken burger *). Hij betoogt dat actief burgerschap een belangrijke factor is in de ontwikkeling van een “optimistisch maatschappelijk klimaat”, waarin mensen ervaren greep te hebben op hun leefwereld. Maar een al te enthousiaste invulling van de participatiesamenleving kan volgens hem het draagvlak voor het collectief ondermijnen. Giesen bepleit geen “Groot Alternatief” maar zoekt naar subtiele evenwichten tussen zelf en samen regelen.

In dat licht is het meer dan boeiend om te zien hoe dat uitvalt voor “burgerkrachtige” arrangementen als zelfbouw. Waar ligt het midden tussen aan de ene kant een herdefiniëring van de verhouding tussen burgers en overheid, en aan de andere kant een herschikking van de betrekkingen tussen burger en marktpartijen, waarbij burgers zonder hulpbronnen als geld, kennis, inzicht en tijd het nakijken hebben?

*) Peter Giesen, De weg van de meeste weerstand. Pleidooi voor de betrokken burger. Cossee 2013